“Brenda (5) komt met haar ouders op het spreekuur. Brenda zit in groep 1 van de reguliere basisschool. Ze is geboren na 27 weken zwangerschap en heeft postpartum drie maanden in het ziekenhuis gelegen. Ze heeft als premature baby veel problemen met slikken en ademen gehad [..]. Vanuit school zijn er klachten over Brenda. Ze prikt voortdurend andere kinderen met scherpe potloodpunten. Roepen deze kinderen ‘au’ , dan lacht Brenda en lijkt onaangedaan.”
Een passage uit het boek ‘ Eerste hulp bij hechting’ van Paulien Kuipers waarbij zij na deze passage vervolgt:
“Dit kleine meisje heeft veel meegemaakt. Ze werd geïntubeerd, kreeg infusen en injecties op alle mogelijke en onmogelijke tijden van de dag en nacht. Ze heeft veel indringende handelingen ondergaan waar ze niets van begreep [..]
Haar huid, zo vaak geteisterd door infusen en injecties is hier meer de natuurlijke afgrenzing van haar lichaam en niet meer het terrein waar een ander niet zonder meer aan mag komen.
Wanneer heeft dit meisje moeten leren dat de huid van andere kinderen wel privéterrein is? Dat zij niet zomaar geprikt mogen worden? Ze is panisch geworden voor dokters[..].
Dit meisje heeft begrip, uitleg en traumabehandeling nodig.”
Een deel van de prematuur geborenen zijn getraumatiseerd geraakt door alle medische procedures die hebben plaatsgevonden. Een pre-verbaal trauma wordt nog lang niet altijd herkend en erkend terwijl het zoveel problemen in de ontwikkelen kan voorkomen als we hier kien op zijn.
Laura Maats-Klein en ik gaan hierover een kennissessie verzorgen: ‘Baby’s herinneren zich er gelukkig niets van – Over pre-verbaal medisch trauma belicht vanuit expertise en ervaringsdeskundigheid’.
